Afhankelijkheidsbalans

‘He, Joost hoe ist?’ ‘Eh, houdt niet over. De boel staat op klappen. Ik weet niet meer wat te doen.’ ‘Zo-o’ was mijn antwoord. ‘Onverwacht, het ging zo goed een paar maanden terug’. ‘Klopt, maar dat veranderde snel. Het begon toen Saskia vertrok, sindsdien bergafwaarts en snel ook. Ik krijg mijn team niet meer op orde. Het lijkt wel de muiterij op de Bounty’. Hij zuchtte. Ik voelde medelijden. Maar ook een sterk gevoel van herkenning.

We gingen even zitten en hij legde zijn probleem uit. Ik ken Joost als een energieke ondernemer. Hij is een paar jaar geleden begonnen en groeit best aardig. Hij heeft een goed team bij elkaar gesprokkeld van inmiddels twaalf man. Goede sfeer en sterke cultuur.

Openlijke ruzie

Hij vertelde zijn verhaal. ‘Na Saskia’s vertrek was de sfeer eigenlijk nog prima. Mensen moesten wel een tandje bijzetten, maar dat gebeurde wel vaker. Ik was erg druk met onze klanten, dus een vervanger vinden lukte niet echt. Toen meldde iemand zich ziek. Een week later hadden we enkele openlijke ruzies over werkdruk en de ontevredenheid steeg.’

Hij ging door: ‘Vorige week was de grande finale. Drie medewerkers -uiteraard mijn beste- zegden op. De lol is er voor mij af. Ik heb verschillende projecten moeten teruggeven aan mijn klanten en betaal nu overwerk aan degenen die over zijn. Wat baal ik hiervan’.

Arme Joost. Ik had met ‘m te doen. Maar hoe herkenbaar. Jaren terug was er een afdeling binnen ons bedrijf die hetzelfde doormaakte. Met dezelfde afloop. Inmiddels weet ik waar dat verkeerd ging. Daarmee kon ik ook Joost helpen. Alhoewel. Hij zal zo’n beetje opnieuw moeten beginnen.

Wie heeft de macht?

De diepere oorzaak ligt in het psychologische verschijnsel afhankelijkheid. Bij werkgever-werknemer relaties bestaat altijd een onuitgesproken afhankelijkheidsbalans. Wie heeft de macht? De medewerker, omdat hij of zij altijd de mogelijkheid heeft op te zeggen. Of de werkgever die – wat lastiger, dat wel- een ontslag kan initiëren.

Die machtsbalans was de kern van het probleem. Doordat Joost niet in staat was om die eerste vertrekkende medewerker snel te vervangen voelde het team hoe afhankelijk hij van hen was. Dat leidde onbewust tot wisseling van de balans.

Gevolgd door de bedenkingen. ‘Wat doet het bedrijf eigenlijk voor mij? Wil ik hier eigenlijk nog wel zo hard werken?’

Management prioriteit

Ik vertelde dat wanneer ik destijds die vertrekkende persoon in dat team direct had vervangen -of beter- er voor had gezorgd dat drie dagen na de opzegging zes geïnteresseerde sollicitanten bij de receptie hadden gezeten, er geen crisis was geweest.

Immers, daarmee had ik laten zien dat iedereen makkelijk vervangbaar was en dat ik werk maakte van ieders werkdruk. Maar helaas. Ik was destijds bezig met klanten en maakte het niet mijn allerhoogste prioriteit. Dikke fout. Joost keek meewarig. ‘Shit’ zei ie nog.

ScaleUp Company